Warenwetbesluit: opbouwen naam brood

Per 1 juli 2020 wordt het Warenwetbesluit Meel en brood aangepast. Een van de belangrijkste wijzigingen is de naamgeving van brood. De branche adviseert om de warenwettelijke naam van brood op een bepaalde manier op te bouwen. 

 
 

Bouw de naam van uw brood als volgt op:

  1. Benoem de grootte van het brood, dus half/midden(groot)/heel.
  2. Benoem het type brood op basis van de kruimsamenstelling, dus wit/bruin/volkoren.
  3. Noem de naam van het brood naar de samenstelling daarvan: eerst de graansoort(en), dan bijzondere kenmerkende bestanddelen.

Gereserveerde aanduidingen

Gereserveerde aanduidingen zijn de namen die in de wet staan. In de vernieuwde wet betekent dit dat een aantal artikelen samen de nieuwe warenwettelijke naam vormen. Voorbeelden van gereserveerde aanduidingen zijn: half wit tarwerozijnenbrood, middengroot bruin speltbrood met zonnebloempitten, heel volkorentarweroggebrood, half bruin meergranenbrood met zaden en pitten.

Voor broden die niet voldoen aan de wettelijke samenstellingseisen, bestaat de naam uit een beschrijving, bijvoorbeeld: heel volkorenbrood met spelt, rogge, zaden en pitten. 

Het hele artikel lezen? Log in of word lid van de NBOV